Is er plaats voor de polderwolf?


Grote roofdieren als de wolf hebben geen woeste oernatuur nodig om te gedijen. Wel vlees, veel menselijke tolerantie, en pragmatische natuurbescherming. “Je zult soms een probleemwolf moeten opruimen, om de populatie te behouden.”

Een plaats als Wolfheze op de Veluwe vormt in naam nog een herinnering aan een wilder verleden van Nederland. Tot 1856 schuimden nog wolven over de ‘woeste gronden’, voor mensen ze uitroeiden. Maar liefhebbers van wild Nederland mogen weer optimistisch zijn. Bij onze Duitse buren verspreiden wolven zich steeds verder westwaarts, nadat enkele roedels zich eind jaren negentig vanuit Polen vestigden. Een zwervende Duitse wolf is al ter hoogte van Bremen gesignaleerd, dat is 130 kilometer van onze grens. Een wolf kan honderd kilometer per nacht afleggen.

Vier Duitse roedels in Saksen en Brandenburg krijgen nu jaarlijks ieder ongeveer 6 jongen, die na twee jaar zelf leefgebied zoeken. Onder dekking van natuurbescherming gaat uitbreiding dan snel. Ook de Franse populatie groeit jaarlijks met 35 procent, en de eerste Alpenwolven vestigen zich al in Midden Frankrijk. Het langeafstandsrecord voor een zwervende wolf in Finland staat op 1200 kilometer.

Het is kortom slechts een kwestie van tijd voor de eerste polderwolf opduikt. Maar zou hij hier overleven? Een voorzichtig ja is op zijn plaats. Vier kilo vlees per dag vormt de belangrijkste behoefte en in ons land leven 60.000 reeën. Ook een Veluwezwijn gaat er best in bij de wolf.  Daarnaast blijkt dat Europese wolven gewoon kaal cultuurland koloniseren, dat door mensen is bewoond. Hoewel wolven bekend staan als symbool van oernatuur, lijkt maagdelijke wildernis meer een behoefte van natuurliefhebbers.

De Duitse wolven trekken zich zelfs niets aan van mitrailleurvuur op militaire oefenterreinen. “Ze zwerven gewoon ’s nachts door dorpen”, zegt biologe Gesa Kluth, die de Duitse wolven beroepsmatig volgt. “Ik heb zelfs sporen rond mijn eigen tuin gevonden.” De afgelopen jaar gepubliceerde studies van zooloog Jorn Theuerkauf in de Poolse Bieszcskady Mountains bevestigen Kluth haar waarneming. Menselijke activiteit en bevolkingsdichtheid hebben geen invloed op de activiteit van wolven, alleen de voedselbeschikbaarheid. Zowel in hun studiegebied, als andere plaatsen in Polen.

Het dichtstbevolkte wolvengebied ligt nu in India. Wolven kunnen hier overleven in gebieden met 600 inwoners per vierkante kilometer, even veel als Waterland-Purmerend. Voorwaarde is wel een met bossages begroeid gebied van minimaal 600 hectare waar de dieren zich kunnen terugtrekken. In Nederland geen probleem.

Geen lieverdje

Wolven kunnen dus theoretisch in Nederland leven.Maar hoe zit dat andersom? Volgens de Deutsche Wolfsgemeinschaft snijdt het mes aan twee kanten. Dit nationale voorlichtingscentrum wil niet alleen overdreven angst bij het Duitse publiek wegnemen, maar ook romantische voorstellingen. De wolf is geen lieverdje, en zelfs Roodkapje blijkt niet zomaar een fabeltje. Zo registreerde de Indische wolvenbioloog Dinesh Sharma ook herhaaldelijke aanvallen op kinderen in dichtbevolkte gebieden.

In Europa vormen aanvallen op vee en huisdieren het grootste probleem bij de herkolonisatie door wolven.Een groot deel van het werk van biologe Kluth bestaat nu uit het geven van voorlichting aan boeren over anti-wolfmaatregelen. Zoals schrikdraadomheiningen en de inzet van schaapshonden. De eerste Duitse roedel doodde namelijk in enkele nachten meteen dertig schapen, en jaarlijks blijft vee sneuvelen. De Franse wolvenpopulatie van ongeveer 80 dieren doodde in 2005 nog 4000 schapen en huisdieren, in 2006 nog 2600. Dat meldt het Office National de la Chasse et de la Faune Sauvage. De daling zou veroorzaakt zijn door het massaal invoeren van schrikdraad en schaapshonden.

Voor veehouders blijven wolven dus een oude aartsvijand. Volgens Urs Breitenmoser, bioloog bij de Zwitserse roofdierstichting Kora kunnen mensen niettemin samen leven met grote roofdieren als de wolf. “We hoeven in het Westen niet meer voor onze overleving te vechten tegen de natuur, zoals arme boeren vroeger”, zegt hij. “We kunnen ons daarom een zekere tolerantie naar roofdieren permitteren. Bij ons is behoud van tolerantie het belangrijkste, en een compromis tussen natuur en economie. Naast financiële vergoeding van schade, zul je daarom soms een probleemwolf moeten afschieten die teveel vee vangt. Dat stuit sommige natuurbeschermers tegen de borst, maar de ervaring leert dat je anders bij roofdierbescherming snel goodwill verliest.”

Nederlandse schapenboeren kunnen voorlopig de aanschaf van schrikdraad en schaapshond nog uitstellen. “Voor permanente vestiging van een levensvatbare wolvenpopulatie, moet uitwisseling bestaan met meerdere roedels in aangrenzende gebieden”, zegt Breitenmoser. “Duitsland heeft een wolvenrijk buurland als Polen, maar de kern van de Duitse populatie zit te ver van Nederland.”

Voorlopig moeten we het dus stellen met een eenzame verdwaalde polderwolf, die huilend bij maanlicht een partner zoekt. Houdt de hond dan binnen, want uw huisdier verstaat nog steeds zijn avances.

Kader//

Gemak dient de wolf

Onbeschermde schaapskuddes vormen een favoriet doelwit van terugkerende wolven. Schapen vormden in Frankrijk lokaal een groter menubestanddeel dan iedere andere prooisoort. In Zwitserland veroorzaakte één uit Italië overgestoken wolf zo’n slachting onder schapen, dat hij afgelopen jaar werd afgeschoten. Ook in Duitsland was het meteen raak bij de eerste wolvenroedel. Eén boer verloor in 2003 in enkele nachten dertig schapen, en jaarlijks blijven aanvallen op vee plaatsvinden.

“Wolven zijn opportunisten”, stelt Duits biologe Gesa Kluth. “Schapen zijn erg makkelijk te vangen, en dus doden ze meer per keer. IN de natuur is het nooit zeker of ze de volgende dag iets vangen. Bij herten zouden ze die kans niet krijgen, maar schapen vluchten niet. Aanvallen op vee hebben niets met voedselgebrek te maken, want de herten- en wilde zwijnenpopulaties in Duitsland zijn historisch hoog. Het is een kwestie van wolveneconomie, zoveel mogelijk makkelijke prooien vangen tegen zo weinig mogelijk energiekosten.”

De carnivoor als bewaker van een mysterieus natuurlijk evenwicht lijkt een fabel. “Toen ik met mijn biologiestudie begon, werd mij verteld dat roofdieren alleen bij uitzondering vee aanvallen, en mensen uit de weg gaan”, zegt Urs Breitenmoser, bioloog bij de Zwitserse roofdierstichting Kora. “Ik volg nu vijfentwintig jaar wolven, lynxen en beren in de Alpen en heb veel oude standpunten moeten bijstellen. Roofdieren wennen snel aan mensen, en ze kunnen serieuze conflicten opleveren met menselijke belangen. En op sommige plaatsen kunnen roofdieren prooipopulaties halveren, terwijl je op andere plekken geen effect ziet. De werkelijkheid is kortom niet zo simpel als vaak wordt voorgesteld.”

www.kora.ch Zwitsers onderzoeksbureau voor lynx, beer en wolf in de Alpen

www.wolves.de Duits voorlichtingscentrum

www.lcie.org  Large Carnivore Initiative for Europe

Goede binnenkomer over mens-roofdierconflicten is ‘Monster of God’van David Quammen