CO2 is minder dan helft klimaatprobleem


13-03-2009

Mike Hulme. gezaghebbend klimaatgeleerde, ontpopt zich als criticus van de opwarmingslobby: "het VN-klimaatpanel IPCC heeft geen bestaansrecht meer."

 

Hier volgt het originele gesprek dat ik had, zoals dit ook op Climategate.nl, ons blog staat

 

Het Verlichtingsmoment van Mike Hulme

 

Climategate was gisteren te gast bij het Planbureau voor de Leefomgeving in Bilthoven om de (CO2-vrije) vredespijp te roken. We woonden een lezing bij van Hans von Storch, Steve Rayner en Mike Hulme. (en hebben daardoor nieuws dat de kranten niet hebben.)

 

Vooral Hulme wilde ik al langer graag spreken omdat hij in de Climategate-emails een interessante rol vervulde. Ik heb hem eerder op dit blog omschreven als alarmistische spijtoptant. Na Climategate was Hulme één van de weinige van oorsprong alarmistische klimaatwetenschappers die een fris geluid liet horen, zoals in de Wall Street Journal.

Bij elkaar mocht ik een klein uurtje met Hulme doorbomen over zijn visie op climategate en klimaatwetenschap, met een hapje en drankje van het Planbureau in de hand. Dus, al had ik Wim Turkenburg en Maarten Hajer mijn genegenheid willen verklaren: deze kans om Hulme te spreken ging voor.

Een korte weergave van het gesprek volgt hier in dit blog. Het blijkt dat Hulme enkele jaren geleden ‘het licht’zag wat betreft het IPCC, CO2 en klimaat. Met voor de CO2-hardliners een verontrustend nuancerende boodschap. Hulme heeft zich ook bereid verklaard nog een gastblog voor Climategate te schrijven waarin hij nadere toelichting geeft.

 

Wat maakt Hulme zo interessant? Hij was employee van de gehackte Climatic Research Unit van de University of East Anglia, het instituut dat de centrale rol speelt in Climategate. Tot het derde IPCC-rapport was Hulme ook lead author van het IPCC Werkgroep 1, en hij was 7 jaar lang leider van het Tyndall Centre tot 2007. Dit Britse klimaatonderzoekcentrum stond model voor ons nationale ‘Klimaat voor Ruimte’programma. Inmiddels heeft Hulme een vrijere rol gekregen in dienst van de University of East Anglia, nadat hij ontslag nam bij het Tyndall Centre.

 

Allereerst mijn excuses dat ik zo uitgebreid in uw emailcorrespondentie heb zitten neuzen, dankzij Climategate. Maar ik meende dat ik uit de Climategate-emails bij u een duidelijke ontwikkeling kon bespeuren. Nadat u aanvankelijk een duidelijke promotor was van een meer alarmistische visie, lijkt u zich later steeds meer af te keren van actiegroepen, de politieke kleuring van wetenschap en het groeiende gehalte aan grijze campagneliteratuur bij het IPCC.

 

‘Ik denk dat je zo een aardige schets geeft van de ontwikkeling die ik doormaakte. In de vroege jaren negentig had het IPCC nog een duidelijke wetenschappelijke rol. Klimaatverandering en de rol van CO2 moest op de kaart worden gezet. Maar later zie je steeds meer een spraakverwarring optreden waarbij men wetenschappelijke argumenten wil gebruiken om politiek te bedrijven en politieke argumenten gebruikt voor wetenschap. In 2001 ben ik vanwege die ontstane verwarring en politisering uit het IPCC-proces gestapt.

Inmiddels geloof ik dat het IPCC in haar huidige vorm geen bestaansrecht meer heeft, omdat het nu doelen nastreeft die je van wetenschap alleen niet kunt verlangen. ’

 

Kunt u dat verder uitleggen?

 

Ik geef daarover een uitleg in mijn boek ‘why we disagree about climate change’. Het hele idee dat er consensus moet bestaan in klimaatwetenschap is onzinnig. Net als het idee dat je het ooit eens zult worden, als je maar genoeg alle onzekerheden verkleint. We zullen het altijd om verschillende redenen met elkaar oneens zijn. In mijn boek breng ik die redenen in kaart.

De titel is dan ook geen stelling tegen onenigheid in het klimaatdebat maar een constatering. Het ligt in de natuur van mensen om het met elkaar oneens te zijn, en daarom schets ik in het boek verschillende frames, dus raamwerken die de kluwen ontwarren. Welke redenen en argumenten, van politiek, sociaal en wetenschappelijk gebruiken mensen nu om bij klimaat en klimaatbeleid een stelling in te nemen. Die lopen in het debat nu steeds uit elkaar.

 

Hoe kwam u op dat idee

 

‘Ik kreeg een soort moment van Verlichting in een kathedraal, tijdens een lang gesprek met twee klimaatactivisten van Stop Climatechaos, net zoals wij hier nu hebben. Zij wilden dat ik mij als wetenschapper duidelijker zou uitspreken voor actie, maar ook na een half uur waren ze niet tevreden met mijn argumenten. Toen werd ik me bewust dat we allebeide een verschillende rol in het debat hebben, maar dat de één zijn rol qua waarde niet voor de ander hoeft onder te doen.

De klimaatactivisten streven in essentie een sociaal doel na, bijvoorbeeld meer sociale gerechtigheid. Ik tegelijk, kan klimaatwetenschap niet gebruiken of verbuigen om meer sociale gerechtigheid na te streven. In mijn rol als klimaatwetenschapper kan ik alleen proberen de wetenschap zo goed mogelijk uit te voeren. Iedere motivatie heeft zijn eigen plaats in het debat en die moet je van te voren helder duidelijk maken.

Dat neemt niet weg dat ik ook persoonlijke drijfveren heb, ik ben christen, voel me aangetrokken tot socialistisch gedachtegoed en daardoor ben ik ook geneigd te sympathiseren met de doelstellingen van veel milieuclubs. Maar het is vooral belangrijk dat in het debat beide drijfveren niet door elkaar gaan lopen. Anders ben je onder het mom van wetenschap bezig een ander je sociale drijfveren op te dringen. Of je gebruikt je sociale drijfveren om de wetenschap te vervormen, en beide zaken hebben in het klimaatdebat een te grote rol gespeeld. Die verwarring tussen politieke, sociale en wetenschappelijke reden zie ik als de belangrijkste oorzaak van onenigheid in het klimaatdebat.

 

U bent ook kritisch over de eenzijdige focus van het IPCC op CO2?

 

“Wat ik bij de lezing al zei, de hele discussie over klimaat richt zich op het beperken van CO2-emissies van fossiele brandstoffen. Terwijl die emissies maar de helft van het klimaatprobleem vormen. En uiteindelijk is ook CO2, het klimaat, of de wereldtemperatuur niet het centrale probleem.

De belangrijkste vraag die we moeten beantwoorden is uiteindelijk hoe we met miljarden mensen op een aangename en prettige manier kunnen voortleven. En dan kun je per regio en per persoon op verschillende antwoorden uitkomen op verschillende vragen. Klimaat is dus geen doel, en dan kom je bijna op een mee sociaal-economisch verhaal dat Bjorn Lomborg al jaren houdt. Met welke middelen kun je voor zoveel mogelijk mensen zoveel mogelijk goed doen.

 

Heeft dit verlichtingsmoment uw carriere verder beinvloed?

 

‘Ik heb een jaar later ontslag genomen bij het Tyndall Centre, en kreeg bij de University of East Anglia een betrekking waarin ik meer onafhankelijk kon opereren. Al jarenlang wilde ik me vrijer kunnen uitspreken over deze zaken, maar gezien de financiering van het Tyndall door Defra (het Britse milieuministerie) ben je toch gebonden aan de eisen van je opdrachtgever.’

 

Hoe ziet u de rol van Climategate in de opening van het klimaatdebat?

 

‘Climategate zette de sluizen open voor kritiek die ik net aanhaalde, en die al jarenlang sluimerde, zoals in de blogosfeer. Deze kreeg in de media geen aandacht, maar dat was ook niet verwonderlijk. Het IPCC had immers de wetenschap aan haar kant, zelfs de Nobelprijs. Wie het IPCC verdedigde stond aan de kant van de Engelen, je gaat immers ook niet Nelson Mandela verdacht maken.

Climategate heeft dat allemaal verandert, samen met het mislukken van Kopenhagen. Wetenschappers zien nu in dat ze niet meer op de oude voet verder kunnen.

Vooral de snelheid van internet heeft me verbaasd. Half november kregen we plotseling de waarschuwing dat we onze email-adressen en passwords moesten veranderen. Er zou een hack gepleegd zijn bij onze unviersiteit (Universiteit van East Anglia). Zes dagen na die mededeling waren de mails uit climategate en alle daaruit volgende discussies over de hele wereld te volgen.

Tot Climategate begon op 16 november moet ik bekennen dat ik nooit een wetenschapsblog had bezocht, zoals Climateaudit van Steve McIntyre. Sinds Climategate kan ik dagelijks de verleiding nauwelijks weerstaan en volg ik de discussies. Wetenschappers kunnen die nieuwe werkelijkheid van internet en de inmenging van bloggers in het debat niet meer negeren.

 

Hoe ziet u de toekomst van de klimaatwetenschap?

 

‘Wetenschappers kunnen niet meer op de ouderwetse manier verder. Als Kopenhagen iets duidelijk maakte is dat zij er niet in slagen de boodschap over te brengen in een 21ste eeuwse samenleving. Een nieuw IPCC-rapport zal daar niets aan veranderen. Neem de voorbereidingen voor het vijfde IPCC-rapport die al weer in volle gang zijn. Juist het overbrengen van de boodschap is mislukt, toch staat er géén enkel serieus hoofdstuk in het vijfde IPCC-rapport over wetenschapscommunicatie. Men heeft al gelijk en moet dat nog even duidelijk maken.

Klimaatwetenschap is postnormale wetenschap, waarbij je op basis van onzekere wetenschap verregaande beslissingen wilt nemen. Je moet daarbij geen verwachtingen hebben van een one- size fits all-benadering of één wereldregering die alles van bovenaf oplegt. Pas door het klimaatvraagstuk vanuit alle verschillende wetenschapsdisciplines en invalshoeken te benaderen, van sociale wetenschap tot fysica denk ik dat we verder komen.’