Lof zij de oermens



Joachim Neander, de Kurt Cobain van de kerkgezangen en naamgever aan het natuurrijke Neanderthal en de oermens die ons mensbeeld veranderde


28-11-2010 het, overigens prima, verhaal over Joachim Neander dat Onno Havermans van Trouw niet meer wilde plaatsen nadat ik hem arrogant noemde. Er zijn grenzen aan mijn geduld, en voor het geld hoef je het bij Trouw niet te doen. Sterker nog, ze betalen je hele factuur niet uit en verkopen zonder je medeweten je stukken door aan Europese persbureaus.

De oermens die ons mensbeeld veranderde, draagt de naam van één van de beroemdste protestantse lofliedschrijvers, Joachim Neander. Je kunt zijn Neandertal bezoeken, een groene oase in het Ruhrgebiet. En je al ‘lof zij de heer’fluitend afvragen wat het langste overleeft: het geloof in de Schepper of ons beeld van de oermens.

 

De op 30-jarige leeftijd gestorven rebelse predikant-dichter Joachim Neander, had alles in zich om een tragische romantische held te worden. In conflict met het kerkelijke gezag. En tegelijk populair bij de lokale bevolking van de regio Düsseldorf om zijn prediking en liedteksten. Om inspiratie op te doen, wandelde Neander door de 800 meter lange, en 50 meter diepe naburige kloof die de Düssel sleet in de kalksteenbodem. De canyon van de Düssel was nog National Geographic-waardig woest natuurschoon.

Neander schreef de belangrijkste van zijn liederen rond 1678, vlak voor zijn terugkeer naar Bremen. Volgens internetgeruchten schreef hij zijn gezang 434 ‘lof zij de heer, de almachtige koning der eeeere’, uit het gereformeerd liedboek, in de zelfde grot waar in 1856 de botten van de eerste Neanderthaler werden gevonden. Zeker is, dat Neander een vergrieksing is van Neumann, de nieuwe mens. Het Griekse etiket ‘nieuwe mens’, Joachims achternaam zou vanaf 1800 fungeren als naam van het dal tussen Düsseldorf en Keulen. Als voorbode op de vondst van de oermens.

In die romantische periode ontstond een Neander-revival, en de behoefte om net als Joachim de wildernis te zien. Romantische schilders van de Düsseldorfer Mahlerschule kwamen de nog ongeschonden canyon schilderen. Stedelijke ‘Wanderer’, zwerflustigen, kwamen een frisse neus halen in het woeste natuurschoon. Waar zij omhoogkijkend naar de kalkrotsen hun ding deden: zich verloren wanen in de wilde woestheid en toerist zijn.

‘Drei wanderer blicken rechts auf die Feldhofer Kirche’is de titel van een schilderij van Gerard Verburgh uit 1803. Drie stedelingen die omhoog kijken naar een klif en zich toerist voelen. De nieuwe stedelijke mens had de natuur overwonnen. Hij was geen vechtende deelnemer van de natuur meer, maar genietende toeschouwer. Het begin dus van toerisme en natuurfotografie. Nog steeds moeten ook in moderne natuurparkjes en op natuurfoto’s de menselijke invloeden zo onzichtbaar mogelijk zijn.

 

Stedelijke natuur vraagt net als bij fotografie om de kunst van het weglaten. Direct rondom het dal bij Mettman dringen de bouwprojecten zich namelijk op. Het nieuwe Neanderpark moet de ondernemers met hun golfplaten blokkendozen lokken. In het Neandertal zelf heerst de rust. Een tijdloze groene oase met eeuwig kabbelend riviertje. Alsof de geest van de oermens de oprukkende industrie tegenhoudt, midden in dit drukste deel van Duitsland. Dit deel van het Neandertal is Duitsland’s oudste ‘Naturschutzgebiet’ sinds 1921.

In het bos bij het Neanderthalmuseum is ook de Fundstelle, de vindplaats van de oermenselijke botten in 1856. Aangegeven met roodwitte palen als van een atletiekbaan, op een grasveld aan de Düssel. De grot met fossiele bewoners van de ‘Stam van de Holenbeer’is al anderhalve eeuw geleden weggeblazen met dynamiet: voor de kalksteenwinning. Ook de canyon en kliffen bestaan niet meer, slechts één miezerig stukje ‘Rabenfels’is overgebleven. Je hoort wel het tijdloze ruisen van de Düssel, afgeleid van het Germaanse Thusila dat ‘ruisen’ betekent.

Die natuurgeluiden krijgen tijdens kantooruren gezelschap. Gillende schoolkinderen rennen uit bussen richting het museum, nu met mammoetexpositie. En tussendoor vrachtwagens, richting het gedril van de nog steeds actieve Kalksteinwerk. Onmisbare achtergrondruis voor het dal. Want zonder de steenwinning was de Neanderthaler nooit gevonden door mijnwerkers. Dan had de Duitse natuurhistoricus Fullroth de botten niet in handen gekregen. En dan had de oermens niet Neander geheten, maar Spymens of erger. Dan was het dal door huizenbouw overstelpt.De Schepper beschikte gelukkig anders.

We klimmen omhoog naar Hochdal, dalen via de weg met de naam ‘Schönes Aussicht’weer af naar de kloof van de Düssel. Je krijgt de ruisende rivier nu opgediend met het geruis van de Autobahn op de achtergrond. Vele jager-verzamelaars komen langs samen met hun golden retriever jachthond. Zij komen op adem in het hellingbos van het Eickener Busch. Zowaar een wildernis: das, ree en vos vinden hier nog hun heenkomen. De Düssel bevat ook ‘Bachforelle’, de ‘vis van het jaar 2005’zo lezen we op informatieborden. De oermens zal deze 50.000 jaar geleden ook aan zijn speer hebben gespietst.

Uitkijkend over de Autobahn, staat een groot houten kruis opgericht, de forenzen op de vroege morgen bezwerend. ‘Seid und bleibt Kreuzfidel’, zo stelde de Kardinaal Joachim Meisner uit Keulen bij oprichting in 2000. Naast het kruis ligt een stuk kalksteen van fossiele koraalriffen uit het Devoon honderden miljoenen jaren geleden, een tijdsperiode waar de bijbelschrijvers geen rekening mee hielden. Die misrekening kwam ze duur te staan in het Westen.

 

De kerk blijft met die historische lacune in haar verhalen worstelen. Want steeds vaker bleek hoe je teksten ‘symbolisch’moest nemen: met een korrel zout dus. De Neanderthaler ontwrichtte daarbij nog eens het beeld dat Westerlingen van zichzelf hadden als uniek geschapen wezen. We waren niet alleen. Maar wie houdt nu het langste stand? De Heer, of dat behaarde brute heerschap met laag voorhoofd en knuppel, dat ons zelfbeeld stuksloeg.

De Schepper zou best eens het laatste woord kunnen hebben. Al ‘Lof zij de Heer’fluitend, Neander’s populaire gezang, dalen we af door het bos naar het Neanderthalmuseum. Daar wacht een ontmoeting met directeur Christian Weniger. De archeoloog laat in een lezing weinig heel van ons ‘wetenschappelijke’beeld van de oermens. ‘150 jaar Neanderthal-onderzoek, een hopeloze situatie’heet zijn verhaal. Op grond van nieuw bewijs uit fossiel DNA, klimatologie en archeologisch materiaal kan het beeld van de domme bruut met laag voorhoofd bij het grof vuil. ‘Een cultureel vooroordeel, dat niet op bewijs is gebaseerd’stelt de prof.

De Neanderthaler was nooit een dommere voorloper van de moderne mens, maar de zelfde soort als ons in een ander jasje. Weniger neemt bij zijn expositie alvast een voorschot op dit nieuwe oermensbeeld. Een vriendelijk ogende Neanderhippie in dierenvel begroet ons bij entree, leunend op zijn staf. Hij had zo bosbouw in Wageningen kunnen studeren, als hij de kans kreeg.Tot zover ook de houdbaarheid van wetenschappelijke verhalen, die glans verliezen als nieuw bewijs een andere richting wijst.

 

Ondertussen blijft Neander’s penetrante ‘Lof zij de Heer’ 350 jaar later rondzingen. Neander heeft zelfs een eigen fansite. Duitse Neander-fans maakten een ‘remix’van zijn liederen in Loungeversie. Joachim’s lof zij de heer drijft me zo op een toevallige zondag, voor het eerst in een kwart eeuw weer de gereformeerde kerk in Franeker in, waar we ooit zijn liederen zongen. De secularisatie heeft de gemeenschap gedecimeerd zo blijkt, mea culpa. Maar wat overbleef is tijdloze nestgeur.

De pijnlijke houten banken, mijn oude doopvont en het melancholische akkoorden dreunende orgel. Een digitale lamme die een digitale blinde leidt, bij het vinden van de juiste knop om de beamer aan de praat te krijgen. Samen ‘naar hartelust zingen en blij musiceren’, een collecte voor de arme kindjes in Bangladesh. Van kindernevendienst terugkerende smurfjes, die trots hun eigen Jezuskleurplaat tonen aan moeder.

Helaas, geen gezang 434. Maar wel een brok in de keel van ontroering. De jonge Joachim Neander begreep beter wat mensen echt raakte, dan de Dawkinsgezinde fanaten die preken dat Dé Wetenschap het geloof zal uitroeien. Dergelijke uitspraken moet je onderhand ook ‘symbolisch’opvatten.

 

////

Bezoekersinfo

Het Neandertal ligt op ongeveer 3 uur rijden van Amsterdam. Het Neanderthalmuseum bevat sinds 2006 een moderne expositie over de evolutie van de mens. Het biedt vele uitvalsbases om het dal te verkennen langs de Dussel. Wie de bewaking ontloopt, kan ook een bezoek brengen aan de Kalksteinwerk. Een spectaculaire open dagbouw, die er voor zorgde dat de Neanderthaler in 1856 boven water kwam.

www.neanderthal.de

Joachim Neander leeft in de moderne muziek voort via een remix

www.joachim-neander.de

Fatsoenlijke overnachtingsplekken zijn schaars. In Mettman bij het Neandertal is een Best Western Hotel dat voor 60 euro per nacht slaapplaatsen en ontbijt biedt. Een aardig hotel is verder gelegen in Hochdal aan Schones Aussicht. Bezoek verder de Neanderkirche in Jugendstilstijl in Hochdal, waar de buste van Joachi